Seite drucken

Hoe herstel ik na de operatie?

Voor het succes van uw heupprotheseoperatie is de nabehandeling van doorslaggevend belang. Met uw actieve medewerking kunt u ertoe bijdragen dat dit doel snel kan worden bereikt!
Vraag: Waarom word je al zo snel na de operatie gemobiliseerd?
Op een heupprotheseoperatie volgt tegenwoordig geen wekenlange bedrust meer. Het is heel belangrijk dat u snel gemobiliseerd wordt; het helpt complicaties zoals trombose te vermijden en het versnelt het genezingsproces.

De eerste dagen na de operatie

Al vanaf de eerste dag na de operatie wordt u door een fysiotherapeut gemobiliseerd. Hij laat u zien, welke bewegingen u kunt maken en hoe u daarbij gebruik moet maken van de hulpmiddelen. Daarnaast zal de fysiotherapeut iedere dag met u oefenen – alledaagse bewegingen zoals opstaan, gaan zitten, lopen en traplopen staan daarbij op het programma. Door fysiotherapeutische oefeningen worden spieropbouw, coördinatie en beweeglijkheid gestimuleerd.

Tromboseprofylaxe

Om een trombose of embolie te voorkomen, wordt het geopereerde been zes weken lang voorzien van een spataderkous of een bandage. Daarna kunt u uw been doorgaans weer volledig belasten en heeft u bij het lopen ook geen hulpmiddelen meer nodig.

Revalidatie

Meestal volgt op het verblijf in het ziekenhuis een revalidatie van een aantal weken. Deze kan ambulant bij u thuis plaatsvinden of in een revalidatiekliniek.
Aangezien de heupprotheseoperatie in de meeste gevallen een zogenaamde selectieve ingreep is, kunt u al voor of uiterlijk kort na de operatie de aard en de plaats van de revalidatie bespreken met uw arts. Deze zal alle details met u doornemen en de bijbehorende aanvraagformulieren invullen. Voor een deel dient u daarvoor ook informatie in te winnen bij uw ziektekostenverzekering.
Ook wanneer de revalidatie ten einde is, moet u thuis consequent verdergaan met de geleerde oefeningen!

Naonderzoeken

In de tijd na een heupprotheseoperatie dient u met regelmatige, vastgelegde tussenpozen een bezoek te brengen aan uw arts voor naonderzoeken. Hij zal het heupgewricht klinisch beoordelen en zorgen voor een röntgenonderzoek. Hij kan eventuele complicaties, die ook kunnen optreden zonder dat u klachten heeft, in een vroeg stadium herkennen en behandelen. Hierbij wordt u ondersteund door de prothesepas.
Vraag: Welke bewegingen moet ik als drager van een heupprothese mijden?
Omdat uw spieren pas 2 maanden na de operatie voldoende zijn aangesterkt om het gewricht te beschermen tegen verkeerde bewegingen, dient u met name de eerste weken bepaalde bewegingen te vermijden. Tijdens de fysiotherapie wordt u daarover uitvoerig voorgelicht en leert u hoe u dit moet doen.
Maar ook in het verdere verloop dient u bepaalde bewegingen te vermijden die loslating of ontwrichten (luxatie) van de prothese in de hand kunnen werken. Daartoe behoren met name
• het tillen en dragen van zware lasten;
• het zitten in diepe zetels;
• het over elkaar slaan van uw benen tijdens het zitten;
• draaibewegingen van het geopereerde been naar buiten toe;
• sterke stootbelastingen;
• sporten met een hoge belasting en kans op vallen.