Seite drucken

Hoe herstel ik na de operatie?

Voor het succes van uw schouderprotheseoperatie is de nabehandeling van doorslaggevend belang. Met uw actieve medewerking kunt u ertoe bijdragen dat dit doel snel kan worden bereikt!
Vraag: Waarom word je al zo snel na de operatie gemobiliseerd?
Op een knieprotheseoperatie volgt tegenwoordig geen wekenlange bedrust meer. Het is heel belangrijk dat u snel gemobiliseerd wordt; het helpt complicaties zoals trombose of vergroeiingen te vermijden en het versnelt het genezingsproces.

De eerste dagen na de operatie

Al vanaf de eerste dag na de operatie wordt u door een fysiotherapeut gemobiliseerd. Daarbij wordt ook gebruikgemaakt van een zogenaamde schouder-motorschiene, waarop het geopereerde schoudergewricht automatisch heen en weer wordt bewogen.
In het verdere verloop leert u van uw fysiotherapeut, welke bewegingen u op welke manier kunt maken. Door fysiotherapeutische oefeningen worden spieropbouw, coördinatie en beweeglijkheid in het schoudergewricht gestimuleerd.

Revalidatie

Meestal volgt op het verblijf in het ziekenhuis een revalidatie van een aantal weken. Deze kan ambulant bij u thuis plaatsvinden of in een revalidatiekliniek.
Aangezien de schouderprotheseoperatie in de meeste gevallen een zogenaamde selectieve ingreep is, kunt u al voor of uiterlijk kort na de operatie de aard en de plaats van de revalidatie bespreken met uw arts. Deze zal alle details met u doornemen en de bijbehorende aanvraagformulieren invullen. Voor een deel dient u daarvoor ook informatie in te winnen bij uw ziektekostenverzekering. Meestal bedraagt de revalidatietijd na een schouderprotheseoperatie weken tot maanden.
Ook wanneer de revalidatie ten einde is, moet u thuis consequent verdergaan met de geleerde oefeningen!

Naonderzoeken

In de tijd na een schouderprotheseoperatie dient u met regelmatige, vastgelegde tussenpozen een bezoek te brengen aan uw arts voor naonderzoeken. Hij zal het schoudergewricht klinisch beoordelen en zorgen voor een röntgenonderzoek. Daardoor kan hij eventuele complicaties, die ook kunnen optreden zonder dat u klachten heeft, in een vroeg stadium herkennen en behandelen. Hierbij wordt u ondersteund door de prothesepas.
Vraag: Welke bewegingen moet ik als drager van een knieprothese mijden?
Omdat uw spieren pas 2 maanden na de operatie voldoende zijn aangesterkt om het gewricht te beschermen tegen verkeerde bewegingen, dient u met name de eerste weken bepaalde bewegingen te vermijden. Tijdens de fysiotherapie wordt u daarover uitvoerig voorgelicht en leert u hoe u dit moet doen.
Maar ook in het verdere verloop dient u bepaalde bewegingen te vermijden die loslating van de prothese kunnen begunstigen. Daartoe behoren met name
- hurken en knielen, bijvoorbeeld bij het werken in de tuin;
- het tillen en dragen van zware lasten;
- het over elkaar slaan van uw benen tijdens het zitten;
- het gestrekt optillen van het geopereerde been.
- Sporten met een hoge belasting en kans op vallen.