De eerste dagen na de operatie
Al vanaf de eerste dag na de operatie wordt u door een fysiotherapeut gemobiliseerd. Daarbij wordt ook gebruikgemaakt van een zogenaamde schouder-motorschiene, waarop het geopereerde schoudergewricht automatisch heen en weer wordt bewogen.
In het verdere verloop leert u van uw fysiotherapeut, welke bewegingen u op welke manier kunt maken. Door fysiotherapeutische oefeningen worden spieropbouw, coördinatie en beweeglijkheid in het schoudergewricht gestimuleerd.
Revalidatie
Meestal volgt op het verblijf in het ziekenhuis een revalidatie van een aantal weken. Deze kan ambulant bij u thuis plaatsvinden of in een revalidatiekliniek.
Aangezien de schouderprotheseoperatie in de meeste gevallen een zogenaamde selectieve ingreep is, kunt u al voor of uiterlijk kort na de operatie de aard en de plaats van de revalidatie bespreken met uw arts. Deze zal alle details met u doornemen en de bijbehorende aanvraagformulieren invullen. Voor een deel dient u daarvoor ook informatie in te winnen bij uw ziektekostenverzekering. Meestal bedraagt de revalidatietijd na een schouderprotheseoperatie weken tot maanden.
Ook wanneer de revalidatie ten einde is, moet u thuis consequent verdergaan met de geleerde oefeningen!
Naonderzoeken
In de tijd na een schouderprotheseoperatie dient u met regelmatige, vastgelegde tussenpozen een bezoek te brengen aan uw arts voor naonderzoeken. Hij zal het schoudergewricht klinisch beoordelen en zorgen voor een röntgenonderzoek. Daardoor kan hij eventuele complicaties, die ook kunnen optreden zonder dat u klachten heeft, in een vroeg stadium herkennen en behandelen. Hierbij wordt u ondersteund door de prothesepas.